Inzijgen en Opwellen


Om te weten hoe het water naar de beek komt, moeten we de diepte in en kijken we naar de afstroming aan het aardoppervlak.

De wijze waarop het water aangevoerd wordt, en het type water zijn bepalend voor de bijzondere natuurwaarden. Planten reageren op wat ze 'voor de voeten' krijgen.

Water komt als neerslag uit de lucht en dringt ergens in de bodem of stroomt naar het riool. Water dat naar het riool stroomt is voor de natuur 'verloren water'. Het indringende water, dat via 'inzijggebieden' de grond in trekt, is wel van belang. In de bodem zitten diverse aardlagen: van makkelijk doordringbaar zand tot ondoorlatende pakketten klei en leem.

In Drenthe komt potklei en keileem voor. Potklei staat geologisch bekend als 'de Formatie van Peelo'. Toen de Peeloërsluis bij Assen uitgegraven werd, is daar geologisch onderzoek verricht. Die ondoordringbare lagen heb je niet overal in gelijke mate en soms blijken ze ergens 'lek' zijn. Het water in de ondergrond 'loopt' via verschillende routes, waarna het ergens opduikt -als bron- of kwelwater. Kwelwater is goed te herkennen aan het de vaak bruinrode kleur van de ondergrond en het 'olieachtige' vlies dat er op drijft.

PICT0019