Water naar de beek brengen


Kaart

Hoogtekaart_AHN_NPDA (pdf, 2.4 MB)

Zonder water krijg je geen beek. We denken vaak aan één bron die de beek van inhoud voorziet. Onderweg zorgen zijbeekjes voor meer water. In het Drentse Aa-systeem ligt dat echter anders. Onze beken krijgen aan het begin én op meerdere plekken onderweg hun water toegediend. Dat is van verschillende herkomst en van uiteenlopende ouderdom. Je hebt 'vers' water, als afstromend regenwater en je hebt bronwater, dat uit diepere bodemlagen opwelt. Dat kan wel honderden jaren onderweg geweest zijn.

De verschillende voedende watertypen hebben ook aparte eigenschappen. Bijvoorbeeld in de minerale samenstelling, of in de temperatuur. Bepaalde soorten kwelwater hebben een vrij constante temperatuur van 8 graden Celsius. Bij vriezend weer kun je dan bruine 'ijsvulkaantjes' zien opborrelen in de beekdalen. Het bestaat uit zacht ijs dat zich ophoopt, omdat er steeds weer wat bruinig ijzerhoudend kwelwater van onderen bijkomt.

PICT0019kl