Lezing Theo Spek donderdag 28 mei 2026
Wie in het Nationaal Park Drentsche Aa woont of dit prachtige gebied vaak bezoekt, beseft vaak niet hoe oud en bijzonder het landschap hier is. Duizenden jaren geschiedenis liggen hier aan onze voeten. In weinig gebieden in Nederland kunnen we op een wandel- of fietstocht zoveel interessante sporen van het verleden tegenkomen. Wie het verhaal hierachter kent, kijkt dan ook met heel andere ogen naar zijn eigen leefomgeving. Of zoals de oude maestro Johan Cruyff al zei: Je gaat het pas zien als je het door hebt’.
Theo Spek verrichtte meer dan dertig jaar onderzoek naar het landschap in het Drentsche Aa-gebied en vertelt in een uitgebreide lezing op 28 mei a.s. over deze boeiende landschapsgeschiedenis van de Drentsche Aa. Hoe zag het landschap er in de prehistorie eigenlijk uit? Waarom liggen de dorpen op de plek waar ze nu liggen? Wat betekenen eigenlijk de namen van deze dorpen, zoals bijvoorbeeld Anloo, Amen of Zeegse? Hoe is het oude esdorpenlandschap precies opgebouwd en hoe kunnen we de verschillende onderdelen hiervan in het veld herkennen? En wat is er bekend over de manier waarop de mensen langs de Drentsche Aa vroeger leefden en werkten? Voldoende vragen om een rijk gevulde lezing te kunnen vullen en enthousiast te raken over de wondermooie omgeving waarin wij wonen.
Prof.dr.ir. Theo Spek is als hoogleraar Landschapsgeschiedenis en hoofd van het Kenniscentrum Landschap verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij is bekend van zijn 1100 pagina’s tellende proefschrift ‘Het Drentse esdorpenlandschap’ en publiceerde in 2015 samen met een groot aantal andere onderzoekers de ‘Landschapsbiografie van de Drentsche Aa’.

